Supermarkten in Nederland gebruiken vlees als actieartikel om klanten te lokken. Ondanks de negatieve aandacht gaan klanten toch af op aanbiedingen. Er is namelijk een groot prijsverschil tussen ‘de gewone kip’, scharrelkip en biologische kip. En dat heeft zijn gevolgen…

 

Door de lage prijzen in de supermarkten ontstaat er prijsdruk in de keten. Boeren verdienen steeds minder per kilo en dus per dier. Niels Dorland van de dierenbescherming legt het uit: “Ik kan je in ieder geval melden dat wij vinden dat vlees veel te goedkoop is. Investeren in dierenwelzijn betekent dat meerkosten ergens terugverdiend moeten worden om de boer een eerlijke prijs te geven. Waar dat gebeurt in de keten is niet altijd even duidelijk voor buitenstaanders. Je zou denken dat de consument uiteindelijk meer betaalt, maar dat is niet altijd het geval. Zo heeft Albert Heijn de prijs van varkensvlees met een ster van ons keurmerk niet verhoogd. De compensatie wordt dus elders opgehoest. Waar? Geen idee… Het is complexe materie.”

 

In opstand

De PvdA heeft op 2 december 2015 gepleit om het goedkope vlees te verbieden, maar helaas is daar geen meerderheid voor. Een meerderheid van de Tweede Kamer is weliswaar met kamerlid Sjoera Dikkers tegen kiloknallers, maar over wat er moet gebeuren is onenigheid. Wel willen de partijen het Beter Leven keurmerk zichtbaarder maken.

 

Supermarkten

De Lidl is in september dit jaar als eerste supermarkt overgegaan naar een vleesassortiment met minimaal 1 ster Beter Leven keurmerk van de Dierenbescherming. “Wij slaan diverse tussenstappen over en gaan niet alleen met kip, maar met het totale vleesassortiment over op minimaal 1 ster Beter Leven. Met deze stap biedt onze supermarktketen de klanten uiteindelijk een 100% diervriendelijk vleesassortiment”, aldus de Lildl zelf in hun persbericht.

 

Halverwege december dit jaar heeft ook Albert Heijn besloten al het varkensvlees met minimaal 1 ster Beter Leven Keurmerk te verkopen. Voorheen was dit alleen op het verse varkensvlees van toepassing. De supermarkt sloot een overeenkomst met vleesconcern Vion dat op 1 januari in zal gaan.

 

Slachterijen

Maar met alleen de mensen bewust maken van een keurmerk wordt de situatie in de varkenshouderijen niet beter. Het probleem van het stuntvlees in de winkels en de te lage opbrengstprijzen voor de boer kan worden aangepakt door een aanpassing van de mededingingsregels. Dit zegt voorzitter Albert Jan Maat van LTO Nederland in een reactie op het initiatief van het PvdA-Tweede Kamerlid Sjoera Dikkers. Het idee van een minimumprijs vindt de LTO-voorzitter sympathiek klinken, maar zo’n prijs geeft nog geen garantie voor een faire opbrengstprijs voor de boer. “Het gaat vooral om de mogelijkheid om extra inspanningen van de boer op het terrein van bijvoorbeeld dierenwelzijn en duurzaamheid terug te zien in de opbrengstprijs die hij ontvangt.” De LTO-voorzitter vindt dat supermarkten kunnen meewerken door in de winkelschappen duidelijk zichtbaar te maken hoe een product zich qua duurzaamheid en kwaliteit onderscheidt. Het draait volgens LTO Nederland uiteindelijk om een evenwichtige verdeling van de marges in de productieketens en een faire opbrengstprijs voor de boer. “Maar dan is wel een Autoriteit Consument en Markt nodig, die toestaat dat daarover in de keten afspraken worden gemaakt. Als in de Tweede Kamer een stevige duw in de goede richting wordt gegeven, dan gaat het de goede kant op”, aldus LTO Nederland in de radio-uitzending van Radio 1 over de kiloknallers.

 

Oplossing

Het lijkt erop dat de verschillende partijen in deze situatie het probleem op elkaar afschuiven en de Tweede Kamer de eindbeslissing moet maken, maar het kan misschien ook anders worden opgelost: “Supermarkten houden elkaar op dit moment in een wurggreep door de concurrentie op goedkoop vlees. Soms zijn ze bereid om zelf offers te brengen om dat mogelijk te maken om de klant maar te lokken naar hun winkel te komen. In die zin zou een verbod op kiloknallen niet direct hoeven te betekenen dat boeren meer geld krijgen en dus meer aan dierenwelzijn kunnen gaan doen. Een beweging vanuit de markt is dan wellicht gunstiger. Je ziet bijvoorbeeld nu duidelijk een trend waarbij supermarkten elkaar gaan beconcurreren op diervriendelijker vlees. Dat is mooi en betekent steeds meer sterren van ons keurmerk in de schappen. De tijd zal het leren. Uiteindelijk is vlees spotgoedkoop in vergelijking met ander voedsel en houden wij vast aan ons motto: minder, maar beter!”, aldus Niels Dorland.