Onderzoek

Materiaal Defensie: Hoofdpijndossier wordt aangepakt

Mar 07, 2018 Jari Klapwijk

 

Door Mischa Tromp & Jari Klapwijk

Thierry Baudet kaartte het 3 oktober 2017 al aan in de Tweede Kamer: slechte uitrusting van Nederlandse militairen. Hij noemde het een structureel probleem binnen de krijgsmacht. Militairen moeten zelfs op eigen kosten spullen kopen. ,,Negentig procent van de mariniers is er inmiddels toe overgegaan om materiaal aan te schaffen dat wel deugt”, aldus Baudet.

 Jan Noorloos, oud-marinier en sinds 2000 verkoper van militaire uitrusting, kan zich vinden in de uitspraken van Baudet. ,,Het materiaal is al meer dan tien jaar een probleem. Tien jaar geleden kochten klanten hier al producten zoals schoenen, baretten en rugzakken. Nu, tien jaar later, zijn deze producten nog steeds razend populair. Er verandert dus helemaal niets binnen Defensie. Sterker nog: Defensie heeft na de uitspraken van Baudet nog 16 000 van die slechte vesten ingekocht.”

Bij de Marechaussee is het materiaal ook een lastig verhaal. Een werknemer: ,,Vooral op bivak is de situatie triest. Jassen scheuren en rugzakken vallen van ellende uit elkaar. Dat gebeurt vrij frequent. Als er iets kapot is, moet je bovendien weken wachten voordat je het juiste materiaal weer hebt. Het lijkt net alsof ze het uit China moeten halen van AliExpress.” Als militairen de spullen binnenkrijgen, is het vaak niet wat ze willen. Noorloos: ,,Als militairen om een bepaald soort jas vragen, krijgen ze altijd namaaktroep van een nepzooiaanbieder. Defensie gaat namelijk altijd voor de goedkoopst mogelijke optie. Ze stellen een jas samen en kijken daarna welk bedrijf deze het goedkoopst kan produceren.”

 Kapitein Van den Berg van het Ministerie van Defensie spreekt de bewering van Noorloos tegen. ,,We gaan niet altijd voor het goedkoopste. Bij aanschaf stellen we eerst een lijstje op met wensen waaraan het product moet voldoen. Hierna kijken we welke producten overeenkomen met onze eisen. Daarna kijken we pas naar de financieel meest gunstige optie.” Defensie besteedt momenteel 42 miljoen euro aan de persoonlijke standaard uitrusting.

 Het probleem beperkt zich niet alleen tot de kleding. Dat vertelt een oud-militair bij de Landmacht. ,,Toen we in Duitsland aan het oefenen waren met twee pantservoertuigen, ging er eentje stuk. Even later ging het andere pantservoertuig ook kapot. Die hebben we gelukkig kunnen repareren met onderdelen van het andere voertuig. Het kapotte voertuig is mijn gehele loopbaan niet meer gerepareerd. Hij zou er nog steeds kunnen staan.”

Van den Berg: ,,Dit is een zeer specifiek geval. Wat er soms gebeurt, is dat er een voertuig kapot gaat dat het jaar daarop vervangen zou worden. Dan is het niet rendabel om dit voertuig weer te gaan repareren. Dat kost simpelweg teveel geld.” Bij aanschaf van voertuigen kijkt Defensie verder dan de aanschafprijs. ,,Als je een wagen koopt van een miljoen en het onderhoud per jaar kost ook een miljoen, ben je over vijf jaar toch zo’n zes miljoen euro kwijt. Als je een wagen aanschaft van drie miljoen met veel minder onderhoudskosten, ben je uiteindelijk stukken voordeliger uit.”

Een werknemer bij de Koninklijke Marine verklaart dat de boten ook niet in goede staat verkeren. ,,Tijdens een oefening midden op zee vielen al onze motoren uit. We werden toen teruggesleept door twee lullige elektrische sleepbootjes. Toen we eenmaal terug in de haven waren, hebben we weken moeten wachten op nieuwe onderdelen.”

Het vertrouwen in het materiaal binnen de krijgsmacht is ook onder de bevolking niet heel groot, blijkt uit een enquête van dit medium. ,,Er is jarenlang op Defensie bezuinigd. Kijk af en toe het nieuws en je weet genoeg”, zegt een respondent. Een ander zegt: ,,Ik heb het idee dat Nederland te weinig aandacht besteedt en niet genoeg geld spendeert aan Defensie.”

In figuur 1 is te zien dat 41,4 procent van de ondervraagden verwacht dat het materiaal van Defensie in zeer slechte staat verkeert. Ook is te zien dat 44,8 procent van de ondervraagden verwacht dat het in een matige staat verkeert. Slechts 13,8 procent heeft wel vertrouwen in een goede kwaliteit.

Kapitein Van den Berg: ,,De bezuinigingen hebben een grote invloed gehad op de staat van het materieel. Auto’s, vliegtuigen en schepen doen veel langer dienst dan we zouden willen. Op den duur gaat zo’n voertuig kuren vertonen, zeker omdat ze onder extreme omstandigheden worden gebruikt. Het materieel voldoet nog aan de eisen. Ze zijn nog geschikt voor de taken waarvoor ze gebruikt moeten worden. Dat betekent niet dat het niet beter kan.”

Henri Lansink van de Vakbond voor Burger en Militair defensiepersoneel (VBM) zet zich in voor de belangen van Nederlandse militairen. Hij vertelt dat de problemen met het materiaal structureel zijn. ,,Het inkopen van materiaal is een erg complex onderdeel binnen Defensie. Met de schoenen die ze krijgen, moeten militairen in verschillende extreme weersomstandigheden kunnen opereren. Denk hierbij aan de kou in Noorwegen, maar ook de extreme hitte in de woestijnen van Mali. Mariniers moeten met dezelfde schoenen uit een boot kunnen springen zonder dat hun schoenen schimmelen. Het is haast onmogelijk om een schoen te vinden die aan al die eisen voldoet.” Het feit dat militairen hun eigen spullen kopen, vindt Lansink een kwalijke zaak. ,,Het zou eigenlijk niet nodig moeten zijn. Ik hoop dat Defensie de komende jaren wel in staat zal zijn om een grote variëteit aan uitrusting aan te bieden.” Volgens Lansink is het tijdelijk verstrekken van materiaal aan militairen binnen een bepaalde eenheid een eventuele oplossing. ,,Er zullen dan tussen de eenheden wel discussies ontstaan over wie welke materialen heeft. Ik denk dat dat probleem minder ernstig is dan ondeugdelijk of ontoereikend materiaal.”

Volgens Van den Berg is het Ministerie druk bezig met een oplossing. ,,Voorheen kreeg iedereen binnen Defensie een standaard pakket. Het maakte daarbij niet uit of je vrachtwagenchauffeur of schutter was, iedereen kreeg precies hetzelfde. Vanaf 2019 gaan we werken met een soort catalogus. Militairen kunnen dan uit een bepaald aantal producten zelf kiezen wat voor uitrusting ze willen hebben. Ze krijgen daarvoor een budget van Defensie. Militairen kunnen op deze manier zelf testen welke spullen het beste bij hen passen.”

Het materiaal van Defensie heeft dus nog een lange weg te gaan, maar er is licht aan het einde van de tunnel. Sinds de uitspraken van Baudet is er tot dusver nog niets verbeterd. In 2019 verandert dat. Defensie gaat de aanbestedingsprocedure van het materiaal op een andere manier vormgeven en dat zal in ieder geval een deel van de huidige problemen oplossen.