27 januari 2017. De wereld staat op zijn kop. De Amerikaanse president, Donald J. Trump, heeft zojuist een decreet getekend waardoor de inwoners van zeven verschillende islamitische landen een inreisverbod opgelegd krijgen.

Tijdens de dagen na het invoeren van het inreisverbod worden moslims die naar Amerika willen reizen actief geweerd. Dit ongeacht of zij in het bezit zijn van legale reis- of verblijfsvergunningen of niet. Slachtoffers van het decreet zitten hierdoor urenlang vast op vliegvelden en moeten hun toekomstplannen bijstellen

In Nederland kan de KLM niet anders dan mensen uit de betreffende landen te weigeren om op het vliegtuig naar Amerika te stappen. Geert Wilders kan zijn geluk niet op. Hij wil al jaren de grenzen sluiten voor niet westerse migranten. Dat plan zie hij op 27 januari voor even werkelijkheid worden in Amerika. Hij feliciteerde de kersverse president dan ook op zijn eigen manier, via Twitter:

Geert Wilders roept de Nederlandse overheid op hetzelfde te doen. Hoewel de meeste partijen hier lijnrecht tegenover staan, zijn er ook partijen er anders over denken. Zo wil de nieuwe partij Forum voor Democratie dat Nederland weer zelf mag beslissen wie er wordt toegelaten en dat vluchtelingen na de oorlog in hun land weer terugkeren.

De oproep van Wilders om ook in Nederland een ‘moslimban’ in te voeren lijkt dus niet helemaal tegen dovemansoren gericht. De vraag is echter: kan dit wel?

Mazen in de wet

In Nederland mogen ministers hun eigen beleid voeren, zolang dit binnen de kaders van de wet valt. Iedere vorm van beleid kan worden teruggedraaid. Toch kan een Nederlands inreisverbod lang van kracht blijven; Nederlandse wetgeving houdt dit beleid niet zomaar tegen.

Zo beschermt onze grondwet beschermt enkel Nederlanders en personen die zich op Nederlands grondgebied bevinden. Dat vlakt een inreisverbod niet uit, hoewel er volgens de grondwet wel een wet moet zijn die regelt wie wel of niet gewenst is in Nederland.

Die wet is de Vreemdelingenwet 2000. Daarin staat dat reizigers van buiten de Europese Unie zonder geldig visum of ander reisdocument onmiddellijk moeten vertrekken wanneer hen de toegang tot Nederland wordt geweigerd. Dit kan aan de grens, maar ook bij een politieaanhouding gebeuren.

Vreemdelingen mogen dus bij de grens worden geweigerd, maar alleen op bepaalde gronden. Bijvoorbeeld wanneer een vreemdeling geen geldig reisdocument heeft, een gevaar vormt voor de nationale veiligheid, zijn verblijf in Nederland niet kan bekostigen of wanneer deze niet voldoet aan de voorwaarden van een Algemene Maatregel van Bestuur.

Mocht de vreemdeling op dat moment besluiten om asiel aan te vragen, is Nederland verplicht een procedure te starten. Er wordt dan gekeken of de aanvraag wel of niet terecht is en de aanvrager, dan asielzoeker, mag blijven.

 

Opgesloten in eigen land

De gedachte dat een inreisverbod kan worden ingevoerd doet de twintigjarige Jasmine* huiveren. Haar nationaliteit is onbekend. Zij kan haar verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd dus niet inruilen voor een Nederlands paspoort. Mocht Nederland ervoor kiezen om een inreisverbod in te voeren, dan worden permanente grenscontroles noodzakelijk. Dat maakt reizen voor mensen als Jasmine een stuk moeilijker.

Mensen met een verblijfsvergunning zich vrij door het Schengengebied bewegen, maar met grenscontroles is een veilige terugkeer niet gegarandeerd. Dat gebeurde ook in Amerika, waar mensen met een greencard werden tegengehouden bij de grens.

De lange arm van Europa?

Europese wetgeving maakt het invoeren van inreisverboden echter bijna onmogelijk. De Nederlandse regering mag namelijk volgens het Europees recht wel mensen op basis van hun nationaliteit toegang tot Nederland weigeren, maar alleen als dit goed wordt onderbouwd. Er mag geen sprake van discriminatie zijn.

Thomas Spijkerboer, hoogleraar migratierecht aan de Vrije Universiteit in Amsterdam, ziet een moslimban daarom niet snel gebeuren. “Een inreisverbod kan alleen op grond van de openbare orde en nationale veiligheid. Je zal dus aannemelijk moeten maken dat een hele bevolkingsgroep een gevaar voor onze samenleving is.

Dat de ‘travel ban’ van Trump twee keer door de rechtbank is geblokkeerd, lijkt dat te bevestigen.

Verdragen

De Europese wetgeving is onder andere gebaseerd op verdragen. In het EVRM is opgenomen dat asielzoekers die gevaar lopen in eigen land, daar niet naar mogen worden teruggestuurd. Dat wordt ondersteund door het Universeel Verdrag voor de Rechten van de Mens en het VN-vluchtelingenverdrag dat Nederland in 1951 ondertekende.

In deze verdragen staan de rechten van alle mensen; vluchtelingen in het bijzonder. Doordat Nederland dit verdrag heeft getekend, moet de overheid zich aan de afspraken houden. De verdragsluitende staten wilden hiermee de rechten van vluchtelingen vastleggen, nadat veel Europeanen in de Tweede Wereldoorlog hun land hadden ontvlucht. Ook de holocaust en het systematisch weigeren van Joodse vluchtelingen door Europese landen lagen in de jaren ’50 nog vers in het geheugen.

Terugsturen

Deze verdragen zijn echter niet allesbepalend. Er kan ook een beroep worden gedaan op de Dublin-verordening. Daarin staat dat een vreemdeling de plicht heeft asiel aan te vragen in het eerste veilige land dat hij bereikt. Als dat niet gebeurt en de staat kan bewijzen dat de vreemdeling zich minder dan 12 maanden op Nederlands grondgebied bevindt, kan hij worden teruggestuurd naar het land via waar hij Nederland is binnengekomen. De kans dat de vreemdeling Nederland heeft bereikt zonder een ander Europees land te passeren, is klein.

Mocht Nederland niet kunnen aantonen waar de vluchteling vandaan komt of hoe lang deze hier al is, dan is Nederland voor hem verantwoordelijk. Alleen met permanente grenscontroles kunnen vreemdelingen al bij de grens worden tegenhouden en teruggestuurd middels de Dublin-verordening.

Op gespannen voet

Die permanente grenscontroles kunnen misschien wel voorkomen dat er mensen ongewenst ons land binnenkomen, maar het zal ook de politieke relaties binnen de EU onder druk zetten. Zo gaat het niet alleen direct in tegen het EVRM, UVRM en het VN-Vluchtelingenverdrag, maar ook tegen het Schengenakkoord, dat open grenzen en handel garandeert.

Volgens econome Barbara Baarsma is Nederland erg afhankelijk van Europa. Dat vertelede ze in februari in een interview met de NOS. Omdat wij zelf maar een klein land zijn, vindt er nationaal minder handel plaats dan internationaal. Met andere woorden: andere Europese landen zijn onze grootste handelspartners. Door de grenzen te sluiten ontstaan handelsbarrières waardoor Nederland volgens het CPB 9 miljard euro aan handelsinkomsten misloopt.

Ook riskeert Nederland sancties vanuit de islamitische wereld. Vooral de oliebelangen zijn groot, maar er wordt ook veel naar het Midden-Oosten geëxporteerd. Dat maakt het sluiten van de grenzen economisch nog onaantrekkelijker.

In het parlement

Het invoeren van een permanent inreisverbod zorgt ook voor gespannen relaties in het parlement. Voordat de ‘ban’ in kan gaan moet er een nieuwe wet worden aangenomen, of moet de vreemdelingenwet op zijn minst aangepast worden. Daar moet eerst een meerderheid voor komen in de Tweede Kamer.

Hoewel partijen als de VVD en het CDA hebben aangegeven dat ze voor aanpassing van internationale verdragen zijn, hebben deze partijen zich ook uitgesproken tegen de ‘moslimban’ van Donald Trump; de enige partij die er wat voor lijkt te voelen is de PVV zelf. De kans dat er een inreisverbod komt die mensen met een bepaalde nationaliteit uit Nederland weert, lijkt dus nihil.

Willen we dit wel?

Maar hoe waarschijnlijk of onwaarschijnlijk het invoeren van een inreisverbod ook mag zijn; een andere vraag is of men het ethisch kan verantwoorden. Volgens Jasmine niet. “Hoe kan je nou 60.000 vluchtelingen weigeren door één rotte appel die er tussen kan zitten?”

Het is een vraagstuk waar de wereld zich voorlopig nog wel even mee bezig lijkt te houden. Donald Trump laat zich niet zo maar uit het veld slaan en vecht de beslissingen van de rechters aan. Als het aan hem ligt zal zijn inreisverbod er komen. Als president van Amerika heeft hij in ieder geval heel wat meer in de melk te brokkelen dan Geert Wilders; voor ons blijft het voorlopig nog een ‘ver-van-ons-bed-show’.


*Wegens privacy is deze naam gefingeerd