Onderzoek

Hoe kunnen grote en kleine Eredivisieclubs dichter naar elkaar toe groeien?

Oct 02, 2018 Pim Odekerken

De laatste seizoenen is het gat in de Eredivisie tussen de topclubs en de overige clubs sterk aan het groeien. Waar de traditionele top-drie (Ajax, PSV en Feyenoord, kortom PAF-clubs) bijna jaarlijks Europese successen behalen, lukt het de subtop (AZ, FC Utrecht, Vitesse, Heerenveen) al amper om door de voorrondes van de Europa League te komen. Bij PAF-clubs stromen daardoor ook de prijzengelden binnen waardoor er alleen maar meer goede spelers de weg naar Amsterdam, Eindhoven en (in zekere mate) Rotterdam vinden.

Dit seizoen is het verschil nog duidelijker aan het worden. Ajax haalde deze zomerse transferperiode twee Premier League-spelers binnen (Dusan Tadic en Daley Blind) en hield Matthijs de Ligt en de WK-gangers Hakim Ziyech en Kasper Dolberg bij de club. PSV haalde een nieuwe Mexicaan (Erick Gutierrez) voor zo’n 8 miljoen en behield Jeroen Zoet, Steven Bergwijn en Hirving Lozano, die net als de jongens van Ajax werden begeerd door de internationale top, in Eindhoven. Beide clubs behaalden ook een plaats in de poulefase van de Champions League en konden beiden 20 miljoen verdelen. De Nederlandse subtoppers (plus Feyenoord) sneuvelden allemaal in de voorrondes van de Europa League.

Als zelfs de subtoppers de aansluiting tot PSV, Ajax en in zekere mate Feyenoord verliezen, is het voor de promovendi Fortuna Sittard, De Graafschap en FC Emmen bijna onmogelijk om ook maar te kunnen dromen van een succes. De KNVB is inmiddels in beraad over een mogelijk nieuwe competitieopzet met als insteek de competitie spannender te maken. Maar wat is de beste manier? Hoe kan de Eredivisie weer spannender worden gemaakt, zodat het niet alleen om de PAF-clubs draait?

 

Het Draftsysteem

Een optie is het Amerikaanse draftsysteem. Dit klinkt misschien lastig, maar eigenlijk is het een erg slim systeem, waar het voetbal veel ‘gelijkwaardiger’ van wordt. Of het ook gaat werken in het Nederlandse voetbal is een andere vraag. Eerst zal uitgelegd worden wat het Amerikaanse draftsysteem inhoudt.

Zo zag het draftsysteem er in de NBA uit in 2018.

In het draftsysteem hebben clubs de mogelijkheid om spelers ‘uit te kiezen’. Dat gebeurt op basis van de resultaten van het voorgaande seizoen. De ploeg die vorig seizoen het slechtst heeft gepresteerd krijgt aan het begin van het nieuwe seizoen als eerste de kans om een speler van een andere ploeg uit te kiezen. Met dit uitkiezen krijgt een ploeg als enige de kans om die betreffende speler een contract aan te bieden. Andere clubs mogen dat dan niet. Hierdoor wordt de competitie wat gelijkwaardiger omdat kleinere clubs de kans krijgen spelers aan te trekken. Hierdoor krijgen clubs geen sterren-elftal wat een soort monopolie op het kampioenschap gaat krijgen.

Is dit systeem ook in het Nederlandse voetbal in te voeren? We vroegen het aan wat kenners. Bjorn Smit, werknemer op de sportredactie van Ziggo Sport, ziet een invoering van een draftsysteem in de Eredivisie niet snel gebeuren: “Het zou wel kunnen, maar het is enorm lastig om in te voeren. Je moet alle clubs en spelers opnieuw gaan indelen en daar zal men echt niet mee akkoord gaan.” Smits is van mening dat, áls het er toch van zou komen, het alleen betrekking moet hebben op jeugdspelers: “In de NBA is dit ook het geval. Clubs moeten er dan wel voor zorgen dat deze jongens een opleiding op kosten van de club mogen volgen, ook dit is namelijk bij het basketbal.” Het idee van deze constructie is dat de jeugdige spelers een alternatief hebben, mocht het voetballend niet helemaal lukken.

“Een extra ‘pijnpunt’ is dat spelers van een Ajax of PSV terecht kunnen komen bij lagere clubs. Stel dat een club als FC Emmen als eerste mag kiezen in de draft, staat een jeugdspeler van een topclub natuurlijk niet te springen om daar naartoe te gaan. Ook al kunnen ze bij een kleinere club natuurlijk wel meer minuten maken,” aldus Smit. Men zou dit kunnen vergelijken met de huidige huurconstructies die kleinere clubs aangaan met (top)clubs, maar dan op permanente basis.

Bert Kragtwijk (60) bekleedt een aantal bestuursfuncties in het Nederlandse basketball. Zo is hij voorzitter van het NMT, een organisatie die het Nederlandse basketball nieuw leven heeft ingeblazen Ook is hij penningmeester van de Federatie van Eredivisie Basketballclubs. Tevens is hij ex-international voor Nederland (99 caps). Ook Bert Kragtwijk vertelt dat het haast onmogelijk is om het Amerikaanse draftsysteem in de Nederlandse voetbal Eredivisie te introduceren. Hij benadrukt dat het een fantastisch systeem is waar mindere ploegen sterke spelers kunnen aantrekken, maar dat het in het Nederlandse voetbal niet gaat werken. Hij geeft hiervoor een paar redenen. Ten eerste zijn in Amerika profclubs verbonden aan een highschool of college. Talenten moeten na hun opleiding dus doorstomen naar een profclub. Clubs kunnen daar dus via het draftsysteem iemand ‘oppikken’ bij een school. Hier in Nederland word je als jeugdspeler gescout, en zit je aan contracten vast. Je kunt dus niet zomaar van club verwisselen omdat daar allemaal andere factoren bij komen kijken. Daarbij zit je in de NBA vast aan een salaris plafond. In Nederland niet. Als jeugdspeler van Ajax raak je gewend aan het ‘Ajax salaris’ wat je gaat verdienen later, als je het eerste haalt. Kun je opgepikt worden door bijvoorbeeld FC Emmen, weet je dat je er financieel op achteruit gaat. Spelers zullen het dus nooit eens worden over salaris en contracten, wanneer ze zomaar door elke club opgepikt kunnen worden. “De Nederlandse voetbalsituatie vergelijken met het NBA-systeem is ontzettend moeilijk.”

Ook Geert Hammink (49) bevestigt dat het niet mogelijk is om het Amerikaanse draftsysteem in het Nederlandse voetbal te introduceren. Geert Hammink is één van de weinige Nederlanders die ooit in de NBA heeft mogen spelen. Momenteel is hij trainer van de Eredivisieclub Dutch Windmills uit Dordrecht. Geert Hammink vertelt dat er meer dan duizend redenen zijn waarom het niet lukt. Hij vertelt de belangrijkste redenen.

Een groot beginsel is volgens hem dat de NBA één groot bedrijf is, met dertig clubs die ondergeschikt zijn aan dat bedrijf. De clubs moeten zich ook houden aan de regels van de NBA. Ze kunnen niet zomaar zelf regels doorvoeren. In Nederland is dit niet zo. Hier zijn de clubs allemaal eigen bv’tjes. Het kan dus alleen lukken als álle clubs het er mee eens zijn. De topclubs gaan het er al niet mee eens zijn, omdat zij er op elk front op achteruit gaan. Daarover vertelt Geert Hammink het volgende: “Als topclubs geen topspelers kunnen kopen, maar alleen maar spelers kunnen aantrekken van lagere teams, verliezen zij daar ook kracht mee op de Europese markt. Omdat clubs met mindere spelers ook minder sponsoren en geld krijgen. Alles draait in het voetbal om geld, het gaat dus niet werken.” En ook Hammink vertelt over het probleem met de collegeclubs. Je kunt niet zomaar weg gedraft worden bij voetbalclubs. “Spelers zijn door contracten gebonden aan derden.”

Geert Hammink (rechts) tijdens een basketbal-clinic. (c) Rens Hooyenga

Volgens Hammink zal een invoering van een draftsysteem alleen gaat lukken als een of andere miljonair een eigen competitie begint. Hier zouden dan alle clubs ondergeschikt moeten zijn aan de gehele competitie opzet. Ook de jeugdopleiding zouden dan minder commercieel moeten zijn en tegelijk moet het niveau niet belemmerd worden. “De kans dat dit lukt is natuurlijk nihil, als je de dagelijkse gang van zaken bekijkt in het voetbal.” Geert Hammink bevestigt nogmaals dat alles in het voetbal om geld draait. In andere sporten zou het ook eerder haalbaar zijn het draftsysteem in te voeren. “Omdat er in – bijvoorbeeld – het basketbal in Nederland veel minder geld omgaat.”

Het is dus nagenoeg niet mogelijk om het Amerikaanse draftsysteem in te voeren in de Nederlandse Eredivisie. Het is zo’n gecompliceerd systeem dat het in het huidige voetbal niet meer toe te passen is. Het voetbal in Europa bestaat al zó lang dat het niet meer om te draaien is. Er zijn te veel belangen die komen kijken. Alles draait om geld, waardoor met de verandering van het huidige systeem allerlei partijen verlies zouden maken. Of dat nou op sportief gebied of financieel gebied is, er wordt verlies geleden. Het totale niveau van het Nederlandse voetbal zal achteruit gaan, clubs zullen er financieel op achteruit gaan en ook spelers zullen er financieel op achteruit gaan. Daarbij is het simpelweg niet mogelijk omdat de Eredivisie geen NBA is. Clubs zijn niet verplicht de regels van de Eredivisie te volgen.

Tot slot zijn Eredivisieclubs niet aangesloten aan scholen, waardoor de jeugd veel moeilijker weg te ‘draften’ is bij andere clubs. Er zitten contracten aan verbonden.

 

De ‘Nieuwe Eredivisie’

Een andere optie is een nieuwe indeling van de competitie; en wel via het Belgische model. Inderdaad, onze zuiderburen zijn slimmer dan we allemaal dachten en hebben een systeem bedacht waarin verschillende teams van elkaar worden gescheiden. Hieronder zal simpel worden uitgelegd wat het Belgische competitiemodel inhoudt:

In het Belgische model wordt aan het einde van het reguliere seizoen (dertig speelronden) de balans opgemaakt. De nummers 1 t/m 6 worden ingedeeld in de kampioenspoule.

 

Het logo van de Belgische Eredivisie; de Jupiler Pro League.

Zijn gaan deze poule in, met de helft van de behaalde punten in de voorgaande dertig spelronden. In deze kampioenspoule spelen alle ploegen nog eens tien wedstrijden (een keer thuis en een keer uit tegen de vijf overige clubs). Welke club dus uiteindelijk na veertig speelronden de meeste punten heeft mag zich de kampioen noemen.

De nummers 7 t/m 14 worden ingedeeld in een andere poule, onderverdeeld in pot A en pot B. Zij beginnen niet met de helft van de behaalde punten na dertig wedstrijden, maar beginnen gewoon op nul. Zij spelen allemaal per pot nog 2 keer tegen elkaar waardoor ze uiteindelijk op 36 wedstrijden uitkomen. Dertig in de reguliere competitie en zes in hun pot (wat weer onderdeel is van die poule).

De winnaar van deze ‘andere’ poule heeft recht op een Europees ticket. De overige nummers vijftien en zestien (van de reguliere competitie na dertig wedstrijden) degraderen direct uit de hoogste klasse in België.

Zijn de nieuwe plannen wel haalbaar? Al sinds 2015 dubt de KNVB erover om het competitiemodel compleet op de schop te nemen. Het Belgisch idee voert de boventoon. Momenteel telt de Eredivisie achttien clubs, spelen de nummers 4, 5, 6 en 7 Play Offs voor een Europees ticket en de nummers 16 en 17 spelen, samen met diverse Keuken Kampioen Divisie-clubs Play Offs voor promotie en degradatie. Maar wanneer er naar het Belgisch model gegrepen gaat worden, zal dit compleet veranderen.

De Eredivisie is van plan om te gaan hernieuwen, maar wat die plannen precies inhouden is bij niemand echt duidelijk. Wel zijn de hoofdpunten bekend, namelijk: een competitie volgens het Belgisch model en de nieuwe verdeling van tv-gelden. Ook zijn er plannen in de maak omtrent een nieuwe verdeling van tv-gelden en een kunstgras-verbod. Wij spraken met een aantal experts en zij vertelden waarom de plannen wel/niet gaan werken in de Eredivisie.

Ruud van der Knaap is werkzaam bij Triple Double. Een bedrijf dat zich bezighoudt met sportmarketing. Ook is hij ruim zes jaar accountmanager geweest bij de Eredivisie CV (ECV). Hij heeft veel ervaring op het gebeid van voetbalmarketing en weet ook de ins en outs van de Eredivisie plannen. Bij de verandering op het gebied van tv-gelden en andere financiële mogelijkheden in de Eredivisie, om het alles gelijkwaardiger te maken, zijn nog de meeste vraagtekens. Van der Knaap legt uit dat een club eigenaar is van haar eigen thuiswedstrijden. Als voorbeeld: bij PSV-AZ is PSV de eigenaar van deze wedstrijd en mag dus tickets verkopen aan het publiek en sponsors. Ook mag PSV zijn sponsoren en reclame laten zien in het stadion. Hier betalen bedrijven dan ook voor. Van der Knaap legt uit dat het logisch is dat bedrijven eerder én meer willen betalen voor een club als PSV (in het Philips Stadion) dan voor een club als FC Emmen. Dit geldt eigenlijk voor de gehele top-3. Hier begint de ongelijke verdeling van geld al. Grote clubs verdienen simpelweg meer.

Hij legt ook uit dat televisiebedrijven betalen voor de wedstrijden (op dit moment is dat FOX Sports). FOX heeft een aantal jaar geleden de rechten van de Eredivisiebeelden gekocht voor zo’n 1,2 miljard (!) euro. Het van oorsprong Amerikaanse bedrijf kocht de rechten toentertijd voor een periode die loopt tot het seizoen 2024/2025. Elk jaar betaalt FOX een bedrag van 80 miljoen euro aan alle eredivisieclubs en dat bedrag loopt ieder jaar op. Wat de clubs ieder jaar krijgen wordt namelijk steeds ongelijker. De nummer 1 krijgt ongeveer 3 keer zo veel geld van FOX als de nummer 18. Ajax bijvoorbeeld krijgt negen procent en FC Emmen daarentegen maximaal twee procent. Dit is allemaal afhankelijk van de prestaties en de minuten dat kijkers naar een bepaalde club kijken op tv. De verdeelsleutel van geldverdeling in de Eredivisie is zeer ongelijk. Van der Knaap vervolgt dat qua binnenlandse tv-rechten niet veel veranderd kan worden. “De deal met FOX ligt nou eenmaal vast.” Wat wel kan is de verdelingsgelden rondom Champions League-wedstrijden.

“De deal met FOX ligt nou eenmaal vast.” – Ruud van der Knaap

Ook zijn er plannen om de competitieopzet te veranderen, met als insteek om het hele niveau naar een hóger niveau te tillen. Een van de opties is het verminderen van het aantal clubs, waar we het eerder al over hebben gehad. Namelijk van achttien naar zestien clubs, met een kampioenspoule en een degradatiepoule. Ook zijn er plannen om kunstgras te verbieden in de Eredivisie. Daarmee zijn veel kleine(re) clubs het niet eens. Zij vinden dat hier geld tegenover moet staan, omdat de nieuwe regels financieel gezien verkeerd kunnen uitpakken voor hen. En daar heb je hem weer: de verdeelsleutel van het geld in de Eredivisie. Grote clubs willen niet veel veranderen aan die verdeelsleutel omdat zij zo simpelweg minder geld krijgen. Wat wel een optie is voor de grote clubs, is het geld rondom de Champios League wedstrijden. Daar is de KNVB nu over aan het onderhandelen met de grote clubs. De grote clubs die dit jaar Champions League spelen (PSV en Ajax), krijgen hiervoor beiden zo’n 40 miljoen euro. Nu zijn beide clubs van plan om zo’n 10% van dat bedrag te gaan verdelen over de rest van de Eredivisieclubs. Hierdoor krijgen clubs alsnog hun financiële hulp van de grote clubs, wat niet verkregen kan worden via de binnenlandse tv-gelden. Die staan, nogmaals, vast bij FOX en daar kan niks aan veranderd worden. De grote vraag is natuurlijk: gaan deze plannen er komen? In november is er een algemene vergadering voor Eredivisieclubs. Er zijn dertien (van de achttien) stemmen nodig om de plannen door te voeren. Van der Knaap verwacht niet dat de dertien stemmen er gaan komen: “Hiervoor is er te weinig geld op tafel gelegd.” Hij denkt ook dat het een lastige zaak wordt, die nog wel een tijdje kan duren. “Er moet zoveel besproken worden. Wat voor de ene club weer een goede maatregel is, is het voor de ander weer niet.”

Er zijn clubs die het niet eens zullen zijn met een eventuele verandering, maar er zijn ook clubs die wel voor het omgooien van de competitie zijn. Bijna alle Eredivisieclubs willen niet reageren op een verzoek voor een interview omdat ze ‘in rust willen afwachten naar de definitieve uitkomt van de vergadering’. In de Keuken Kampioen Divisie zijn er wel clubs bereid te reageren op ons verzoek. Daarbij hoort ook Ted van Leeuwen, directeur van het gedegradeerde FC Twente. Hij ging direct op ons verzoek in. “FC Twente is vóór de plannen die zowel de Eredivisie als de Keuken Kampioen Divisie competitief maken/houden,” laat de Twente-baas weten. Wanneer er naar het Belgische model gegrepen gaat worden, zal het betekenen dat er een éxtra club degradeert naar het tweede voetbalniveau in Nederland en dat er nog meer (Eredivisie) kwaliteit in de Keuken Kampioen Divisie komt. “Dit seizoen is de Keuken Kampioen Divisie sterker dan ooit,” vertelde FC Volendam-coach Hans de Koning begin dit seizoen nog tegen het Algemeen Dagblad, toen bekend was dat Roda JC Kerkrade, Sparta Rotterdam, FC Twente, Go Ahead Eagles, SC Cambuur en Almere City zouden uitkomen in de Eerste Divisie. Van Leeuwen: “Wanneer er maar twee in plaats van de mogelijke drie clubs kunnen promoveren, is er al reken technisch minder kans om te promoveren. Dus een vermindering naar zestien clubs in de Eredivisie kan het zeker lastiger maken voor Eerstedivisionisten. Maar het zou voor de Keuken Kampioen Divisie wel goed zijn om meer kwalitatief sterkere teams in de competitie te krijgen. Er zouden meer toeschouwers naar de stadions kunnen komen en er kan ook meer weerstand ontstaan.”

“Wanneer er maar twee in plaats van de mogelijke drie clubs kunnen promoveren, is er al reken technisch minder kans om te promoveren.” – Ted van Leeuwen, 2018

Van Leeuwen over de eventuele nieuwe competitie indeling: “Met een invoering van een kampioenspoule, zoals dat in België is gebeurd, kan er wel een grotere spanning ontstaan. Maar ik denk dat dit alleen in het laatste deel van de competitie zal gebeuren. Bij spelers zal het gevoel ontstaan dat er voor anderhalve punt wordt gespeelt in de reguliere competitie. In de poule worden de punten namelijk gehalveerd.” Wanneer de plannen doorgang gaan vinden, zal er dus een extra club moeten degraderen uit de Eredivisie naar de Keuken Kampioen Divisie. Op dat moment zullen er 21 clubs ingeschreven staan, waaronder de vier beloften teams Jong Ajax, Jong PSV, Jong AZ en Jong FC Utrecht. Een dolksteek voor veel supportersgroepen, die de beloften elftallen maar niets vinden. Wekelijks verschijnen er spandoeken in de voetbalstadions met oproepen om de Jong-teams uit de competitie te krijgen. Tot nog toe zonder succes. Voor Van Leeuwen is de keuze makkelijk: van hem hoeft er – wanneer er dus een extra club zou degraderen – géén afscheid genomen te worden van een of meerdere beloften teams.

Supporters van clubs gruwelen niet alleen van de Jong-teams, ook de kunstgrasmatten zijn een groot probleem. Tot groot plezier van die fans staat in de plannen die Ajax, PSV en Feyenoord lanceerden, ook vermeld dat er een kunstgrasloze competitie moet komen. Klaas-Jan Huntelaar, aanvaller van Ajax, gaf in augustus 2017 tegenover Voetbal International na afloop van de wedstrijd tegen VVV-Venlo aan helemaal geen fan te zijn van ondergrond: “Je voeten branden gewoon weg aan de onderkant. Het is veel te warm en de bal rolt gewoon niet. Als je een steekpass wil geven moet je bijna schieten. Maar je moet het er maar mee doen, alleen de KNVB kan er iets aan veranderen.” Tijs Tummers (internationale spelersvakbond FIFPro) gaf in diezelfde maand tegenover FCKruisband.nl aan: “In alle topcompetities wordt op natuurgras gespeeld. En uit elke enquête blijkt dat er onder voetballers totaal geen draagvlak is voor kunstgras. Er is bijna geen voetballer die de voorkeur geeft aan kunstgras.”

Ook doelman Tim Krul mengde zich in de kunstgras-discussie. In oktober 2015 scheurde de Hagenees zijn kruisband af tijdens een oefeninterland van het Nederlands Elftal tegen en in Kazachstan. Tegenover Sportnieuws vertelde hij: “Warner Hahn scheurde ook zijn kruisband. Ook op een koude avond én ook op kunstgras, hè. Dat kan geen toeval zijn.” Twente-directeur Van Leeuwen is het niet eens met het relaas van de 8-voudig internationaal van Oranje en huidig speler van het Engelse Norwich City: “Een verbod op kunstgras hoeft niet. Een ‘artificial-mat‘ levert niet meer of minder blessures op, dat is inmiddels statistisch vastgesteld. Het levert na jaren wel een ander type voetballer op, maar dat is meer een gevoelskwestie en een onbewezen stelling.”

“Een verbod op kunstgras hoeft niet.” – Ted van Leeuwen, 2018

Sinds dit seizoen is FC Twente, voor het eerst sinds 1984, actief op het tweede niveau van het betaalde voetbal in Nederland. Acht jaar geleden werden de Enschedeërs nog kampioen van Nederland. Zodoende kent de club in de recente historie beide kanten van de medaille. Directeur Ted van Leeuwen kan meepraten over de gelden die binnenkomen bij clubs en wat het verschil is tussen de twee hoogste divisies van Nederland. “Eredivisieclubs hebben de beschikking over meer tv-geld. In Nederland is dit geen goede ontwikkeling want de verschillen tussen de clubs worden zo alsmaar groter. Op zoek naar verevening van de tv-gelden moet er een systeem waarin de rijken steeds rijker worden en er een steeds groter gat komt met de rest, vermeden worden. Anders is er uiteindelijk geen sprake meer van een competitie. Als voorbeeld kun je hierbij kijken naar de Premier League (Engeland) en naar de Champions League. Daar zijn maar enkele clubs die een vinger in de pap hebben.” Van Leeuwen legt uit hoe het systeem volgens hem beter kan: “Het is en blijft een feit dat pak ‘m beet RKC Waalwijk-Feyenoord interessanter is voor de tv-kijkers dan Feyenoord-RKC Waalwijk, omdat er bij RKC minder Feyenoordfans aanwezig zullen/kunnen zijn. De thuisploeg heeft de rechten en dus ook de tv-inkomsten.” Echter, op dit moment is het dus zo geregeld dat – doorgaand op het voorbeeld van Van Leeuwen – RKC Waalwijk-Feyenoord minder oplevert dan Feyenoord-RKC Waalwijk.

In België heeft de invoering van dit systeem duidelijk geholpen bij het verbeteren van de clubs, gezien de Europese status van het land in de Champions- en Europa League. Maar het is geen vast gegeven dat het in Nederland ook kan lijden tot een spannendere en sterkere competitie. Ook moeten alle clubs het eens kunnen worden over een dergelijke drastische verandering. In 2017 was dit bij lange na niet aan de orde. Elke club moet gehoord kunnen worden en er moet een middenweg gevonden kunnen worden, zodat iedereen evenveel kan profiteren van een nieuwe opzet. Wanneer alles precies op papier staat lijkt dit, in vergelijking met België, een goede optie.

Over de financiële veranderingen kan gediscussieerd worden. Er zijn genoeg goede ideeën in de maak om het voor alle clubs eerlijk te houden. De tv-gelden binnen Nederland kunnen niet anders verdeeld worden en aan de verdeelsleutel van Eredivisie geld willen de grote clubs niet komen. Maar tegelijkertijd willen ze wel allerlei veranderingen doorvoeren op het gebied van bijv. kunstgras, waar de kleine clubs het weer niet mee eens zijn. Nu wordt er gezocht naar een middenweg door eventuele Champions League inkomsten te gaan verdelen onder andere clubs. Hierbij is het wel noodzaak dat de grote clubs jaarlijks Champions League spelen. Een Europees niveautje lager (Europa league) levert namelijk geen schijn op vergeleken met de 40 miljoen van de Eredivisie.

Al met al moet er nog over veel zaken onderhandeld worden. Hoeveel geld gaat naar welke clubs, is het Belgische model handig in Nederland en heeft Nederland daar baat bij? En komt er een kunstgras verbod? De stemming in november zal ons meer leren over hoe de clubs erover denken.

 

Foto boven: (c) Pro Shots
Tekst: Pim Odekerken en Alex van Otterdijk, oktober 2018