Een programma scoort goed, een programma scoort minder of een programma scoort zo slecht dat het van de buis wordt gehaald. Dit wordt gebaseerd op kijkcijfers. Cijfers die voortkomen uit het geregistreerde kijkgedrag van 2.750 mensen die verdeeld zijn over 1.250 huishoudens die deelnemen aan het kijkonderzoek van Stichting Kijkonderzoek (SKO).

Kijkcijfers worden elektronisch geregistreerd door een kijkmeter. Een meter die op alle televisietoestellen, videorecorders, dvd-spelers, dvd-recorders zonder harddisk, harddiskrecorders met of zonder dvd en settopboxen in een huishouden is aangesloten. Een kijker (panellid) moet zich met een afstandsbediening aanmelden wanneer hij televisie gaat kijken. Wanneer een panellid stopt met kijken moet hij zich weer afmelden. De meter registreert automatisch de zender die is bekeken, hoe lang er is gekeken en het schakelgedrag. Eén panellid representeert een X aantal personen van de Nederlandse bevolking, zo kan er bijvoorbeeld een miljoen kijkers worden behaald bij een programma.

Elke ochtend om 7:30 uur precies zijn de kijk- en uitzendgegevens van de vorige dag beschikbaar, deze zijn pas zeven dagen later definitief. Dat komt door het uitgesteld kijken; alles wat binnen zes dagen wordt teruggekeken wordt meegenomen in de definitieve gegevens.

Publieke omroep

Het is algemeen bekend dat kijkcijfers bij commerciële zenders, zoals RTL, erg belangrijk zijn. Hoe zit dat bij bijvoorbeeld de NPO? “Kijkcijfers zijn voor ons belangrijk, omdat we daarmee aan de weet komen, hoeveel mensen wij bereiken. Wij willen als publieke omroep zoveel mogelijk mensen bereiken en met name als de programma’s bedoelt zijn voor speciefieke doelgroepen. Het is niet zo dat kijkcijfers zo belangrijk zijn dat we alle programma’s naast de meetlat van de kijkcijfers leggen om te bepalen of de programma’s door moeten gaan of dat ze misschien moeten stoppen. Voor ons zijn de kijkcijfers dus in die zin niet zo heilig”, vertelt Arthur Schuitemaker, woordvoerder van de NPO.

Naast kijkcijfers kijkt de NPO ook naar waarderingscijfers. Ook hieraan werken pendelleden van het kijkonderzoek mee. Zo haalt bijvoorbeeld Flikken Maastricht op 16 december 2016 een 8,1 als waarderingscijfer en Gesprek met de minister president een 6,7. “Soms heeft een programma niet zo’n massaal bereik, maar heeft het binnen de mensen die het programma mooi vinden een hoge waardering en dat vinden wij net zo belangrijk”, vertelt Schuitemaker.

Wanneer kijkcijfers tegenvallen wordt een programma bij commerciële zenders meestal bijna gelijk van de buis gehaald. Dit was bijvoorbeeld het geval bij Mindmasters Live, een programma van SBS 6 dat al na twee afleveringen van de buis werd gehaald. Bij de NPO is dit niet het geval. “Als een programma minder scoort dan we hadden verwacht, dan gaan we eerst kijken of we een programma kunnen aanpassen in overleg met de omroep. We passen dan de tijd of de dag van het uitzenden bijvoorbeeld aan”, aldus Schuitemaker.

De invloed op het publiek

Vaak is er te lezen in berichten van televisiemagazines zoals Televizier en Broadcast Magazine of een programma goed heeft gescoord of niet. Er is nog nooit onderzoek gedaan of de berichtgeving over kijkcijfers invloed heeft op het publiek zelf. Bekijk je bijvoorbeeld een programma – dat je nog niet hebt gezien maar wel van plan was om te kijken – nog als deze slechte kijkcijfers behaalt? De onderzoeksredactie heeft een kleine steekproef gedaan onder 227 mensen en er kwam uit dat mensen zich over het algemeen niet laat beïnvloeden door kijkcijfers. Als reden gaf het grootste deel op dat ze het dan ook gewoon gaan kijken als kijkcijfers laag zijn, kijkcijfers boeit hen niet.

 Online kijken

Sinds 1 januari 2016 levert de SKO ook de dagelijkse kijkcijfers van programma’s die online worden teruggeken. Dit geldt niet voor programma’s die alleen online te bekijken zijn en dus niet op de televisie worden uitgezonden. Wel wil de SKO deze in de toekomst ook graag in beeld brengen, laat Guus van der Salm, communicatie en informatiemedewerker bij de SKO, weten.

 Panelleden uitkiezen

Panelleden, de kijkers die een kijkmeter in huis hebben, worden uitgekozen op bepaalde kenmerken. Volgens de SKO zijn zij een representatieve afspiegeling van de Nederlandse bevolking. Een paar van die kenmerken zijn: huishoudgrootte, sociale klasse, regio, opleidingsniveau en geslacht. Wat de specifiekere kenmerken zijn, kon de SKO niet zeggen. ”De kenmerken zijn er behoorlijk wat”, vertelt Van der Salm.

“De groep van panelleden is zo groot dat er voor alle doelgroepen waarvan wij kijkcijfers afgeven, representatieve kijkcijfers kunnen worden gegeven.” Hiermee bedoelt Van der Salm dat elke doelgroep, opleidingsniveau, leeftijd en geslacht wordt gerepresenteerd en dat de mensen die meedoen aan het onderzoek een goed beeld geven van wat de kijkers in heel Nederland graag kijken.