Er is in de afgelopen decennia volop onderzoek gedaan naar hoe dieren rouwen. Maar opvallend genoeg is er weinig bekend over de rol die wij mensen kunnen spelen in de moeilijke tijden van dieren. Terwijl we zo op elkaar lijken, of toch niet?

Door Isabelle Vaessen

Eigenlijk is het een verdrietig liefdesverhaal. Dichtbij een drukke rotonde in het Limburgse dorp Maasbree woonde enkele maanden een gans die naar verluidt zijn vrouwtje daar was verloren. Terwijl de gans bezig was het verlies van zijn vrouwtje te verwerken, werd het dier een ware dorpsheld. Zelden zagen bewoners een wild dier de drukte van het verkeer zo bewust opzoeken. Maasbree begon de gans in zijn hart te sluiten. Het dier kreeg de naam Niels en een dorpshype was geboren. Een eigen Facebookpagina, een getimmerd hok op de rotonde en een golf aan media-aandacht volgden. Maar terwijl Niels werd overspoeld door menselijke aandacht, kwam ook een discussie op gang. Hoort Niels niet thuis tussen andere ganzen? Is het beest geen belemmering voor de verkeersveiligheid? Ik daarentegen, maakte me druk om hele andere dingen. Want hoe zit het met Niels’ rouwproces? Hebben we hem geholpen het verdriet te verwerken met het toewerpen van onze broodrestjes, of hebben we het proces juist belemmerd? “Dat is lastig te zeggen”, vertelt dierentherapeute Noesja Kosters. “Bij Niels zag je duidelijk zijn radeloosheid, zijn lichamelijke uitingen van verdriet. Dat roept bij mensen natuurlijk ook een gevoel op. Uit medelijden vinden we dan dat we iets voor hem moeten doen, dat we hulp moeten bieden of er met onze aandacht gewoon voor Niels moeten zijn. Maar hoe zeer we ook op hem lijken in ons emotioneel bewustzijn, het blijft een wilde gans en het rouwproces kunnen we niet voor hem doen.”

Menselijke rol
Dat klinkt aannemelijk, maar hoe zit het dan met alle verhalen die we horen waarin we wel degelijk een rol lijken te hebben in het leven van dieren die zich in de vrije natuur bewegen. Afgelopen zomer dook er een verhaal op over een babyeekhoorn die in de Duitse stad Karlsruhe een willekeurige man achtervolgde omdat het dier vermoedelijk zijn moeder was verloren. De man, die niet wist wat hem overkwam, belde uiteindelijk de politie en wat bleek? Het gebeurt regelmatig dat eekhoorns die familieleden verliezen op zoek gaan naar een vervanger en al hun inspanningen richten op één persoon. Ook in het vogelrijk is het een welbekend feit dat mensen een familie gerelateerde rol kunnen vervullen. Het eerste wezen dat een babyeend ziet als hij uit het ei komt, wordt door hem gezien als zijn moeder. Dat kan dus ook een mens, een hond of zelfs een voetbal zijn.

Gelijkenis tussen mens en dier 
Waar we voorheen altijd overtuigd waren van het feit dat dieren ondergeschikt zijn aan de mens en dat de gelijkenissen op één hand te tellen zijn, komt er ook steeds meer een tegenbeweging op gang die aan deze visie twijfelt. Recent verscheen er een artikel van New Statesman dat deze beweging perfect omschrijft. “Onze wetenschap, filosofie en religie zijn voor een groot deel gebaseerd op de aanname dat er mensen zijn en dat er beesten zijn – en dat die twee op geen enkel terrein overeenkomen. Natuurlijk kunnen dieren niet denken, niet voelen, niet praten. We verzetten ons tegen het idee dat ze dat zouden kunnen – niet omdat het onmogelijk zou zijn, maar omdat het ondenkbaar is. In de loop der tijd heeft de mens telkens opnieuw geprobeerd om dat wat de mens uniek maakt te isoleren en te benoemen. En elke keer weer bleek er een dier te zijn – een niet-menselijk dier – dat over eenzelfde eigenschap beschikte. Alle muren die we hebben opgetrokken tussen onszelf en andere diersoorten blijken wankel en poreus.” Het is een interessant fenomeen dat we onszelf als ‘de mens’ altijd als superieur hebben opgesteld tegenover dieren. Dit terwijl we zelf nota bene de apen als onze neven beschouwen en ons DNA voor bijna 99% gelijk is aan dat van bijvoorbeeld de chimpansee. Waarom zouden dieren dan niet net zo goed kunnen denken, voelen en dus ook rouwen?

Terug naar het voorbeeld van Niels de gans. Want er is één iemand die ervan overtuigd is dat dieren veel meer weg hebben van de mens dan we zelf weten, of willen weten. Ganzenfluisteraar Chögyal Trizin beschrijft het als volgt: “Ieder wezen, hoe groot of hoe klein heeft een eigen ontwikkeld emotioneel bewustzijn en binnen de discussies die er worden gevoerd, of dieren wel of geen emoties ervaren, vergeten we vaak dat wij mensen ook ‘gewoon’ dieren zijn. Wanneer ik zeg dat ganzen blij kunnen zijn als ze een familielid zien en kunnen rouwen om het verlies van hun dierbaren, dan wordt dat maar al te vaak weggelachen en bestempelt als ‘zweverig’ en ‘eigen invulling’. Toch is het een wetenschappelijk onderzocht feit dat ganzen en andere dieren weldegelijk emoties als blijdschap en verdriet kunnen ervaren. Zo zijn er veel verhalen te vertellen over dieren die geluk en lijden ervaren, maar ook stoornissen kunnen hebben, zoals bijvoorbeeld posttraumatische stressstoornis.”

Taal als barrière
Net als dat er nog altijd mensen zijn die geloven dat de aarde plat is en niet rond, zullen er ook altijd mensen zijn die dieren neerzetten als gedachteloze zombies. Ervan uitgaande dat dieren wel degelijk een emotioneel bewustzijn hebben en dus ook rouwen om het verlies van geliefden, blijft het lastig antwoord te geven op de vraag welke rol wij mensen in dit proces (kunnen) vervullen. “Wanneer wij mensen ons gevoel willen uiten, moeten we het voornamelijk hebben van onze taal”, vervolgt Noesja Kosters. “Maar taal is eigenlijk ook direct een barrière. Want wat je voelt geef je een woord, maar is dat wel het juiste woord? Dekt dat woord wel de lading? Soms is er ook geen woord te vinden voor hoe we ons voelen en dan wordt het lastig om anderen te laten begrijpen hoe we ons voelen. Precies daar wordt het lastig, want dieren die rouwen kunnen aan ons niet duidelijk maken wat er in ze omgaat, waarom ze hun partner of moeder zo erg missen en wat ze nodig hebben. De mens, met het idee dat ze alwetend zijn, zal makkelijk zijn eigen gevoel op het rouwende dier projecteren met alle gevolgen van dien. Zo kan het voorkomen dat een rouwende gans uit zijn vertrouwde, veilige plek wordt weggehaald omdat dit volgens de mens beter is. Terwijl de gans misschien nog midden in zijn rouwproces zit en op deze manier ook niet de kans krijgt om dit op een gezonde, en vooral zijn eigen manier af te ronden.”

Meer onderzoek
Zolang wetenschappers het er niet over eens worden of dieren een emotioneel bewustzijn hebben, blijft de mogelijke rol van mensen een groot grijs gebied. Maar er gloort hoop aan de horizon. Nu dieren ons steeds vaker laten zien dat ook zij huilen en dat ook zij in paniek raken wanneer ze hun familiebanden kwijtraken, begint de beschouwing van een emotieloos dier te kantelen. En dat zou toch voldoende materie moeten geven om meer onderzoek te doen naar dieren en hun emoties, niet waar?