Iedereen die de stemwijzer van 2017 heeft ingevuld, is het tegengekomen: de stelling over het invoeren van de maatschappelijke dienstplicht. Wie keek bij de voorstanders van de stelling kwam vooral christelijke partijen tegen, waarvan het CDA het hardst riep van allemaal. Concrete plannen voor de dienstplicht heeft de partij nog niet, maar wat hebben we als Nederland aan een maatschappelijke dienstplicht?

Naomi Kokkes & Aïsha Selser

Het is 1810 en de Bataafse Republiek wordt ingelijfd in het Franse keizerrijk. Naast achternamen en huisnummers brachten de Fransen nog iets met zich mee: de militaire dienstplicht. Nu meer dan twee eeuwen later krijgen jonge mannen op hun achttiende verjaardag nog steeds een brief thuis, met daarin het bericht dat ze staan ingeschreven voor de militaire dienstplicht. Nu, rennen ze niet allemaal massaal richting het front zodra die brief op de mat valt. Nederland schafte in 1997 namelijk de opkomstplicht af. Zolang de situatie er niet om vraagt hoef je je niet te melden voor de militaire dienstplicht.

De maatschappelijke dienstplicht werkt anders en is het beste te vergelijken met de maatschappelijke stages van de middelbare school. Een maatschappelijke of sociale stage is een periode waarin iemand zich inzet voor de maatschappij door het verrichten van werk in de zorg, bij de politie of bij het leger.

Wat zijn ze daarmee van plan dan?
De maatschappelijke dienstplicht wordt ingezet om jongeren van verschillende lagen uit de maatschappij bij elkaar te betrekken. Dr. Martin van Tuijl is hoogleraar economie aan de universiteit van Tilburg en heeft zelf 14 maanden in militaire dienstplicht gezeten. Hij is een voorstander van de maatschappelijke dienstplicht, maar vindt ook dat er wel wat eisen gesteld moeten worden. Ten midden van torenhoge stapels boeken, papieren en verslagen praat hij over zijn korte onderzoek naar de maatschappelijke dienstplicht en zijn eigen ervaringen met de militaire dienstplicht. Hij vertelt: “Het zou een aanwinst zijn voor de huidige individualistische samenleving. Aan de andere kant weet ik dat bij de militaire dienstplicht de motivatie ver te zoeken was. Er moet een opleidingscomponent in zitten; mensen moeten er wel iets aan hebben. Er zitten voordelen aan, maar er zitten wel een hoop vereisten aan.”

Van alle politieke partijen is het CDA degene die het hardst roept om de maatschappelijke dienstplicht. Ze willen het inzetten om probleemjongeren van de straat te krijgen, met als uitgangspunt alle jongeren aan de dienstplicht te krijgen. Een ambitieus plan, wel eentje waar nog veel aan gewerkt moet worden. De drie werkvelden die de stemwijzer aanhaalde zijn: zorg, leger en politie. Deze omdat in alle drie de velden een tekort is aan mankrachten. De andere voorstanders van de maatschappelijke dienstplicht (SGP, VNL, Nieuwe Wegen, PVV, PvdA en ChristenUnie) geven gelijksoortige argumenten.

De politieke tegenstanders van de maatschappelijke dienstplicht zijn met een forse meerderheid. D66 stelt onder andere dat jongeren zelf moeten beslissen of ze zich in willen zetten voor de maatschappij; het moet geen verplichting worden. Daarnaast stellen meerdere partijen dat sommige zaken – vooral in de zorg – niet uitgevoerd kunnen worden door jongeren. Daar zijn professionals voor nodig. Zowel D66 als jongerenorganisatie JOB stellen dat de maatschappelijke dienstplicht niet de oplossing is voor de tekorten in de werkvelden. Investeren in maatschappijleer op scholen en in nieuwe verpleegkundigen en professionals zou een betere oplossing zijn.

Vakbonden
Zien de werkvelden – de politie, defensie, zorg en vrijwilligersorganisaties – deze tienduizenden helpende handen wél als waardevolle toevoeging? Helaas voor het CDA is het antwoord daarop ‘nee’. De ANPV Politiebond laat weten de plannen van de partij maar een raadsel te vinden.

Actiz, de branchevereniging voor verpleeghuizen, thuiszorg en jeugdgezondheidszorg, is bang voor de ongemotiveerde adolescenten. ‘’Mensen die komen helpen in verpleeghuizen moeten dat echt zelf willen. Alleen dan kunnen ze iets bijdragen aan de zorg voor de kwetsbare ouderen waar wij de verantwoordelijk voor dragen,’’ meldde zij in een uitzending van RTL Nieuws. Ook de Vereniging Nederlandse Organisaties Vrijwilligerswerk (NOV) geeft aan niet goed in staat te zullen zijn om de jongeren langdurig te begeleiden.

Het enige alternatief waar de Vakbond voor Burger en Militair Defensiepersoneel (VBM) voor open staat, is een sociale dienstplicht voor scholieren die na voltooiing van hun voortgezette opleiding nog geen keuze hebben gemaakt voor een vervolgopleiding.

Jongeren
‘’Er worden veel vergelijkingen getrokken met vroeger, maar de jongeren zijn veranderd”, zegt Jasper Schöbel van het JOB. De jongerenorganisatie die zich inzet voor mbo-studenten is een van de weinige die al concreet hebben nagedacht over de gevolgen van de mogelijke invoering van de maatschappelijke dienstplicht. In een pand aan de Westermarkt zit het JOB samen met scholierenorganisatie LAKS. De gevolgen voor mbo-studenten zijn niet mis. Schöbel legt uit: “Het grootste nadeel voor mbo-studenten is dat het niet praktisch is. Je moet je daarnaast afvragen of de maatschappelijke dienstplicht nog van deze tijd is. Met een maatschappelijke dienstplicht wordt wel iedereen betrokken bij de maatschappij, maar of iedereen er ook ‘maatschappelijker’ van wordt moet je je nog afvragen.” Dat zijn grote gevolgen. Toch geeft de enquête meer voorstanders onder jongeren aan de tegenstanders.

Conclusie
De maatschappelijke dienstplicht is geen nieuw concept, en iets wat de maatschappij nog steeds verdeeld. Het merendeel van de politieke partijen is tegen. Terwijl een kleinere groep de waarde er wel van in ziet. Diezelfde verdeling zien we terug bij de jongeren, organisaties en professionals. Meer betrekking bij de samenleving klinkt heel mooi, maar jongeren dwingen daaraan deel te nemen gaat volgens velen te ver. Dr. Martin van Tuijl zei het al: “Het is een mooie toevoeging voor de individualistische samenleving maar de motivatie moet er wel zijn.”
De tekorten die het CDA noemt als een van de redenen voor de invoering van de maatschappelijke dienstplicht worden niet opgelost door jongeren te dwingen deel te nemen aan het maatschappelijke werkveld. Onze conclusie luidt dat er geen eenduidig antwoord is op onze onderzoeksvraag. Als je het aan de jongeren zelf vraagt zijn de meningen verdeeld. De werkvelden zitten er niet op te wachten en de politiek is, zoals bij de meeste dingen, verdeeld in kamp voor en kamp tegen. Of de maatschappelijke dienstplicht een waardevolle toevoeging is voor de Nederlandse samenleving blijft onduidelijk. De enige mogelijkheid om hier een concreet antwoord op te geven is de invoering van de maatschappelijke dienstplicht, en met de huidige partijen die dingen voor de coalitie lijkt de invoering onwaarschijnlijk.