Onderzoek

De Kerk van het Vliegende Spaghettimonster: een nieuwe religie?!

Jun 27, 2017 NielsAelfers

De Kerk van het Vliegend Spaghetti Monster, het christendom, de islam, het zijn allemaal religieuze stromingen. Je kan kiezen of je wel of niet gelovig bent en als je gelovig bent, kun je je aansluiten bij een religie. Het doel om te geloven is voor iedereen anders, maar over het algemeen gaat het om verbintenis. Maar wat als er geen geloof is waar je je prettig bij voelt of verbintenis vindt, kun je dan je eigen religieuze stroming beginnen?

Jurisprudentie

Religies hebben een belangrijke functie in de vorming van beschavingen en culturen. Religie heeft een belangrijke invloed op zaken als literatuur, muziek, kunst, politiek en draagt bij aan moreel bewustzijn. We zien dan ook een veelheid aan kerken, kerkgenootschappen en levensovertuigingen in de wereld. Sommigen bestaan al lang, andere kennen een korte historie. Omdat ‘geloven’ dan wel overtuigingen ook kunnen leiden tot maatschappelijke issues, rijst de vraag of en wanneer een religie ook een juridische status krijgt.

Het starten van een nieuwe religie is dus op papier vrij simpel. Inschrijven bij de Kamer van Koophandel is eenvoudig; aanvraagformulier invullen, registreren, en kosten ervoor betalen. Echter, een ander component is het erkend worden door de rechter, dus ook in juridische termen aangemerkt worden als serieuze religie of levensovertuiging. In onze grondwet is de vrijheid van godsdienst en levensovertuiging in artikel 6 vastgelegd. Deze verankering betekent in feite dat iedereen in dit land vrij is om een geloof of levensovertuiging te kiezen en zich daar naar te gedragen, mits er geen andere wettelijke kaders worden overtreden. Zo vallen daar bijvoorbeeld gedragen uitingsvormen van het geloof onder. Denk bijvoorbeeld aan het dragen van een kruis of hoofddoek, maar ook het invullen de geloofsbelijdenis. Bij erkende religies kunnen op dergelijke algemeen wettelijke kaders uitzonderingen worden gemaakt, maar daarbij is de juridische erkenning van het geloof dus wel degelijk van belang. Daarbij valt ook te denken aan juridische en fiscale voordelen zoals de ANBI regeling of vennootschapsbelasting.

Dat niet alle zelf-uitgeroepen genootschappen zich formeel ‘kerk’ mogen noemen blijkt bijvoorbeeld uit het arrest van Sint Walburga uit 1986, waarbij de rechter de uitingsvorm van dit genootschap (ook wel bekend als de Kerk van Satan) gelijk stelt aan die van een bordeel en daarmee als geloof niet erkent (http://arresten.eu/staatsrecht/hr-31-10-1986-nj-1987-173-zusters-van-sint-walburga/). Een ander voorbeeld hiervan is wederom te vinden binnen de Kerk van het Vliegende Spaghettimonster. Een aantal malen hebben rechters zich over deze erkenning gebogen. Dit heeft alles te maken met hun religieuze hoofddeksel: een vergiet.

Op 28 juli 2016 heeft de rechtbank van Groningen namelijk een uitspraak gedaan (http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNNE:2016:3626) in een zaak omtrent het dragen van een vergiet op een pasfoto. De eiser mag van de gemeente in kwestie niet op zijn of haar paspoort afgebeeld worden met een vergiet op het hoofd. De rechter gaat mee in het besluit van de gemeente. Hij heeft hier een aantal argumenten voor. “In het bestreden besluit heeft verweerder – kort samengevat – overwogen dat eisers aanvraag niet in behandeling wordt genomen omdat eiser een pasfoto heeft ingeleverd die niet voldoet aan in artikel 28 van de Paspoortuitvoeringsregeling Nederland 2001 (de Paspoortuitvoeringsregeling) genoemde fotomatrix (de fotomatrix)” (Uitspraak rechtbank Noord-Nederland, overweging 2, 2016). De pasfoto voldoet dus niet aan de eisen van de Paspoortuitvoeringsregeling, omdat het vergiet niet wordt erkend als religieus hoofddeksel.

De eiser heeft op dit moment nog maar één argument waar hij gebruik van zou kunnen maken: “In geschil is enkel de vraag of eiser een geslaagd beroep kan doen op de uitzondering uit artikel 28, derde lid, van de Paspoortuitvoeringsregeling” (Uitspraak rechtbank Noord-Nederland, overweging 5, 2016). De eiser denkt dat hij daadwerkelijk aanspraak kan maken op een uitzondering. Hier heeft hij een aantal argumenten voor. Ten eerste voert de eiser aan dat het allereerst van belang is dat de Kerk op 26 januari 2016 als kerkgenootschap is ingeschreven in het handelsregister van de Kamer van Koophandel. Ten tweede beveelt het heilige boek van het pastafarisme, The Loose Canon, aan om het hoofddeksel te dragen. Als derde argument wijst hij de rechter op het feit dat, bijvoorbeeld christenen, hun religieuze hoofddeksels ook niet continue dragen.

Hier antwoordt de rechtbank het volgende op: “Gelet op de hiervoor vermelde uitspraak van de AbRS en hetgeen wat de eiser heeft aangevoerd, is de rechtbank van oordeel dat de eiser niet heeft aangetoond dat de door hem aangehangen levensbeschouwende stroming, het bedekken van het hoofd, aan hem voorschrijft, dit kennelijk omwille van het vereiste respect voor deze stroming” (Uitspraak rechtbank Noord-Nederland, overweging 5.7, 2016).

Sterker nog. Ook de bestuursrechter in Den Bosch, die oordeelde in de zaak van beroep geeft letterlijk weer; “De rechtbank oordeelt verder dat de leer van de Kerk, volgens de maatstaf van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM), niet getuigt van voldoende serieusheid om aangemerkt te kunnen worden als godsdienst of levensbeschouwing in de zin van de PUN.” De rechtbank wijst het verzoek van de eiser dus af.

Echter, de aanhangers van deze nieuwe religie halen ook iets positiefs uit deze uitspraak. Dat zit hem namelijk in de volgende passage van de uitspraak: “…de door hem aangehangen levensbeschouwende stroming…”  Daarmee zien zij toch een opening om de Kerk van het Vliegende Spaghettimonster uiteindelijk toch als religie erkend te krijgen.

In 15 februari 2017 stond een lid van de Kerk van het Vliegende Spaghettimonster voor een soortgelijke zaak voor de bestuursrrechter in Den Bosch (https://www.kerkvanhetvliegendspaghettimonster.nl/wp-content/uploads/2017/02/uitspraak-gem.-eindhoven.pdf). Ook ditmaal werd het verzoek van de eiser afgewezen. Dat de rechter daarbij ook naar de inhoud van een religie kijkt blijkt uit de overwegingen die in de uitspraak staan. “Over de vraag of de leer van de Kerk getuigt van begrijpelijkheid, serieusheid, samenhang en importantie, overweegt de rechtbank als volgt. Het pastafarisme is, zoals uitdrukkelijk gezegd in het pleidooi van eiser, elf jaar oud. In 2005 schreef Bobby Henderson de hierboven weergegeven brief aan de Kansas School Board. Die brief was een reactie op de inhoud van het onderwijs dat onder verantwoording van de betreffende instelling werd gegeven. In de brief wordt gesteld dat geloof of levensovertuiging niet aangemerkt mag worden als wetenschap. De brief heeft daarnaast een onmiskenbaar satirisch karakter. Dit satirische karakter komt ook tot uitdrukking in de manier waarop in de leer van de Kerk kritiek lijkt te worden geleverd op bepaalde bekende onderdelen van andere geloven.”

Daarbij lijkt het gebed van de pastafari afgeleid van het gebed “Onze Vader” uit de christelijke kerktraditie en doen de ‘liever-nietjes’ denken aan een gekscherende variant op de verhalen over de tien geboden uit de joodse en christelijke traditie. Het satirische karakter blijkt bovendien overduidelijk als de gestelde ontstaanswijze van de ‘liever-nietjes’ wordt vergeleken met de inhoud van sommige van die regels. De eerste piraat Mosey leefde, afgaande op de brief van Bobby Henderson, al voor het jaar 1800. De stenen tabletten waarmee Mosey de berg afdaalde, maken niettemin melding van het bestaan van TV en breedbandkabel. Hoewel eiser kan worden toegegeven dat satire niet zonder meer uitsluit dat er sprake is van een geloof of levensbeschouwing, oordeelt de rechtbank, gelet op het voorgaande en de onder 5.4 weergegeven stukken, dat de leer van de Kerk, in de woorden van de maatstaf van het EHRM, niet getuigt van voldoende serieusheid (‘seriousness’) om aangemerkt te kunnen worden als een godsdienst of levensbeschouwing in de zin van artikel 28, derde lid, van de PUN. De inschrijving van de Kerk bij de Kamer van Koophandel maakt dat niet anders” (Uitspraak rechtbank Oost-Brabant, overweging 5.5, 2017). Hieruit blijkt dus dat deze rechter de Kerk van het Vliegende Spaghettimonster niet erkend als religie.

Twee verschillende rechters hebben dus allebei een negatief oordeel over deze uitingsvorm van deze ‘kerk’, maar op basis van iets andere argumenten. Een mal beperkt de rechter zich tot puur wettelijke eisen van een pasfoto en toetst deze. In de tweede uitspraak ziet de rechter zich genoodzaakt in te gaan op het daadwerkelijke karakter van de religie zelf. Een zeer gecompliceerde taak aangezien er geen  duidelijke richtlijnen of definities bestaan waaraan een religie zou moeten voldoen. Hierdoor ontstaan er situaties zoals deze.

Kerk en staat

In Nederland is een kerkgenootschap dus afhankelijk van hun volgers en fondsen. In vergelijking met België en andere landen steunt de Nederlandse overheid de kerken vrijwel niet. “De enige directe financieringsstroom van de overheid aan de Nederlandse kerken is de monumentenzorg,” zegt Bert van Rijssen, adjunct-directeur van de Vereniging Kerkrentmeesterlijk Beheer van de Protestantse Kerk Nederland. Zoals gezegd in de video worden pastoors betaald door de kerk en lijkt dat vanzelfsprekend, maar in België is dit anders. In België worden pastoors betaald door de overheid, omdat Napoleon in 1801 een concordaat sloot met de katholieke kerk. Hierin werden geestelijken financieel afhankelijk gemaakt van de staat. Een pastoor verdient maandelijks 1100 euro netto. Wel zijn er kerkstichtingen die geld inzamelen voor hun kerk. Als een kerkstichting aan de eisen voldoet die nodig zijn voor een erkende stichting, maakt deze stichting aanspraak op subsidie van de gemeente. Verder zijn kerken financieel afhankelijk van hun volgers.

Een algemeen aanvaard beginsel van het Nederlands recht is dat kerk en staat over en weer geen inhoudelijke en institutionele zeggenschap over elkaar hebben. Het beginsel staat niet in de Grondwet of enige andere wet. Het vloeit voort uit de vrijheid van godsdienst en het gelijkheidsbeginsel, die wel in de Grondwet zijn vastgelegd. In 1983 werd bij wet een einde gemaakt aan financiële banden tussen overheid en kerkgenootschappen. In Nederland is er dus een sterke scheiding tussen staat en kerk. Ook dit ligt in het buitenland anders. In Amerika hebben religieuze stromingen meer macht, zoals de Evengenicals. Het evangelisch christendom is een stroming binnen het orthodox-protestantisme en is sinds 1980 een belangrijk republikeins stemblok in de Amerikaanse presidentsverkiezingen. Bij presidentsverkiezingen is het aandeel van de Evengenicals vrij groot. Het is voor de orthodoxe mensen dan ook een prettig dat de huidige president, Donald Trump, republikeins is. In tijden van Obama zagen zij veel van hun standpunten verloren gaan zoals het homohuwelijk. De evengenicals oefenen niet direct hun ideeën uit op de maatschappij, maar drukken dit door bij de presidentskandidaten. De kandidaten weten immers dat als zij de evengenicals aan hun kant krijgen, ze meer stemmers hebben. Presidenten luisteren dus serieus naar de ideeën van de evengenicals om zo meer stemmen te krijgen. Op deze manier kan deze religieuze stroming meer macht uitoefenen. In Nederland is deze situatie ondenkbaar. Hier kennen we het CDA en ChristenUnie die wel een religieuze basis hebben, maar veel wetenschappelijker in de maatschappij staan. Een partij als Jezus Leeft heeft het daarom niet gered bij de laatste Tweede Kamer Verkiezingen.

https://www.nrc.nl/nieuws/2009/04/22/wie-financiert-de-kerken-11715919-a311533

http://dirkzwagerondernemingsrecht.nl/2014/06/26/omzetting-stichting-in-kerkelijke-instelling/

http://www.denederlandsegrondwet.nl/9353000/1/j9vvihlf299q0sr/vid1ivwch6z6

https://www.nae.net/evangelicals-and-politics/

https://www.rd.nl/opinie/evangelicals-in-vs-in-verwarring-over-hun-toekomst-1.1407436

http://billmoyers.com/story/how-evangelicals-revolutionized-us-politics/