05-10-2019

 

Geschreven door: Joost Schreurs en Chris Janssen

 

Joost | Onderzoeksredactie
Joost | Onderzoeksredactie

Twee weken na een van ’s werelds grote sportevenementen, de Tour de France, ging het in diezelfde sportsector op dramatische wijze mis. Jong wielertalent Bjorg Lambrecht ging hard onderuit in de Ronde van Polen, een val die de 21-jarige uiteindelijk met de dood moest bekopen. Dit accident was voldoende om in de wielerwereld een hoop stof te laten opwaaien, men probeerde in wielerland een vinger te leggen op de rede voor de fatale valpartij. Inmiddels, twee maanden later, kan men nog steeds heeft men nog steeds geen oplossing gevonden om dit soort incidenten te voorkomen. Het lijkt erop dat er sinds de invoer van het verplicht dragen van een helm in 2003, geen nieuwe maatregelen meer genomen zijn om de veiligheid van de wielrenners te bevorderen. Maar in welke hoek kan men dan wel een oplossing vinden? Rijden we de komende jaren alleen nog rond op afgesloten circuits? Of moet er op sommige stukken van het parcours misschien wel een maximumsnelheid komen?

 

 

Voor dit onderzoek zijn we op zoek gegaan naar de oorzaken van alle dodelijke ongelukken in wielerwedstrijden sinds 1995. Duidelijk is te zien dat het aantal verongelukten door een valpartij vrijwel constant is. Wat erg opvalt is de toename in het aantal wielrenners dat door een medisch probleem is komen te overlijden. De afgelopen vijf jaar zijn er vier wielrenners komen te overlijden tijdens de koers door middel van een hartinfarct. Is het dan misschien zo dat wielrenners zelf tegenwoordig veel meer risico nemen dat voorheen? Fysieke limieten lijken steeds meer te worden opgezocht en zou het kunnen dat er steeds meer renners blijken hun eigen fysieke limieten niet goed te kennen. Misschien is het opmerkelijkste resultaat uit deze opgemaakte database wel dat van alle sinds 1995 verongelukte wielrenners er maar liefst 35 procent de afgelopen vijf jaar is komen te overlijden. Sinds 1983 is Jos Benders als medisch assistent actief in de koers. Hij heeft van dichtbij kunnen zien wat voor een aspecten van de wielersport de afgelopen 35 jaar het meest zijn veranderd.

 

 

“Het grootste verschil is de snelheid, de snelheid die een wielerkoers tegenwoordig heeft is niet te vergelijken met de snelheid van dertig jaar geleden” zegt oprichter van Medische Koersservice, Service Médical, Jos Benders. Onder andere materialen die steeds aerodynamischer en lichter worden zorgen voor deze verschillen volgens Benders. “In de wielerwereld heerst er een cultuur dat alles steeds sneller moet, je snapt natuurlijk dat dit niet altijd ten goede komt van de veiligheid van de renners.” Benders vindt het dan ook te kort door de bocht om te zeggen dat wielrenners door hun eigen risico’s vaker betrokken raken in zware ongelukken. Om niet het noodlot te laten bepalen of een renner het leven zou geven tijdens een wielerwedstrijd denkt Benders dat het zou helpen als doctoren in wielerwedstrijden de bevoegdheid zouden krijgen om wielrenners uit koers te halen. “Je zit dan natuurlijk wel direct met het risico dat er wordt getwijfeld aan koersvervalsing wanneer een renner achteraf blijkt een niet zo dusdanig zware blessure heeft en dat deze wielrenner misschien wel had kunnen doorfietsen” vertelt Jos Benders. In 2003 heeft Jos Benders samen met de UCI de “Medical Rules for Road Races Guide” opgesteld. Dit zijn de normen waar een wielerwedstrijd op gebied van veiligheid aan moet voldoen. “Het probleem bij zo een richtlijnen monitor is dat er niet altijd op de juiste manier gehandhaafd kan worden door de UCI” zegt Benders.

 

Ook bij de KNWU zijn ze bezig met de veiligheid van renners en van parcoursen. Volgens Henk van Beusekom, manager sport van de Koninklijke Nederlandse Wielerunie, wordt in elk land ook niet even goed opgelet. “In Nederland zijn we volgens mij scherper op parcoursen dan in bijvoorbeeld Italië of Frankrijk. Er zijn weleens parcourssituaties in landen dat ik denk: dat hadden we in Nederland niet goed gekeurd.”

 

Van Beusekom vindt dat er nog een hele slag te maken valt als het gaat om veiligheid in het wielrennen en daar zijn bij de KNWU al mee bezig. “In commissies wordt er op dit moment al vergaderd over onder meer veiligheid.” En een ingrijpende verandering is opkomst volgens Van Beusekom: “Ik denk dat binnen tien jaar de meeste koersen worden gereden op lokale rondjes. Dan kan er nog beter worden gekeken naar parcours en naar de veiligheid van de renners. Een grote koers als de Amstel Gold Race zal nog wel blijven zoals die nu is maar voor veel andere koersen zal het parcours gaan veranderen.”

 

Die mening wordt gedeeld door Roy Packbier, organisator van onder meer de Amstel Gold Race en de Volta Limburg Classic, al heeft dat volgens hem niet te maken met de veiligheid van de renners. “Dat heeft meer te maken met onder meer beschikbare politie en vrijwilligers.” Packbier ziet de stijging in het aantal (dodelijke) valpartijen ook niet: “Ik denk niet dat het aantal valpartijen is toegenomen. Ik denk zelfs dat het is afgenomen als ik de meningen van oud-renners mag geloven.” Dat heeft volgens de Limburger er onder meer mee te maken dat de UCI, de internationale wielerunie, en de KNWU beter controleren op parcoursen.

 

Packbier geeft toe dat een organisator met verschillende aspecten moet rekening houden bij het organiseren van een koers: “Veiligheid is ontzettend belangrijk en mag nooit in het gedrang komen. Echter, er moet ook ook worden gedacht aan televisie, publiek, gemeenten en sponsoren.”

 

Ide Schelling is een 21-jarige neoprof die komend jaar de overstap maakt naar Bora-Hansgrohe, de ploeg van onder meer Peter Sagan. Hij bevestigt dat renners zelf spreken ook steeds vaker over de veiligheid spreken: De veiligheid is zeker steeds meer een gespreksonderwerp, dat heeft ook te maken met het ongeluk van Bjorg Lambrecht deze zomer, een aantal jongens waar ik mee fiets waren goed met hem bevriend.

 

Volgens hem is er niet één reden die aan te wijzen valt waarom er zoveel (dodelijke) ongelukken plaatsvinden: “Het is ook wel iets wat erbij hoort”, aldus Schelling. Zelf is hij ook al meerdere keren gevallen of was hij getuige van gevaarlijke omstandigheden tijdens een koers. “Ik was eens een keer in een koers in België, en daar was een moment waar we van een weg van 6 meter breed ineens een bruggetje over moesten dat 2,5 meter breed was. Op zo’n moment is het vragen om problemen.” Dit jaar nog maakte ploeggenoten van hem mee dat een koers gestaakt werd: “Ploeggenoten van mij waren dit jaar aanwezig bij de Schaal Sels, na 20 kilometer werd deze koers voor een tijdje gestaakt omdat het parcours veel te veel risico’s bleek te bevatten”

 

Na lang nadenken heeft Schelling een idee waardoor het aantal valpartijen misschien kan afnemen. Laat de koersorganisatie voor de wedstrijd een aantal gerenommeerde renners aanwijzen. Deze renners mogen dan tijdens de koers bij de jury protest indienen tegen renners die te gevaarlijke capriolen uit halen, in het peloton gebeuren namelijk veel ontoelaatbare dingen die de jury niet kan zien.” Schelling ziet in ieder geval niks in het idee van de KNWU om lokale rondjes te gaan rijden: “Het wordt er dan niet leuker op.” Al bestrijdt Van Beuzekom dit: “De renners maken de koers, niet het parcours.”

 

Is het dan misschien zo dat beschermende kleding de oplossing zou kunnen bieden voor een veilige wielersport? Volgens wielerkleding bedrijf Math Salden lijkt dat een lastig verhaal “Je ziet wel producten op de markt komen die een steeds grotere beschermende werking hebben, maar het is niet zo dat wij verwachten dat over een paar jaar zware blessures voorkomen zullen worden door de kleding”. Wel zijn fietstoeristen steeds vaker op zoek naar kleding die hen kan beschermen, “tegenwoordig zie je wel dat wielertenues vaker worden uitgerust met dyneema (een soort van kunststof dat schaafwonden eerder voorkomt) of reflecterende details”.

 

De conclusie is misschien wel dat er geen echte oplossing is om het aantal valpartijen in het wielrennen terug te dringen. De vele partijen hebben ideeën maar geen enkele lijkt vooralsnog de gouden te zijn. Tot die tijd moeten we vooral hopen op een minder snel oplopende lijst met doden in het wielrennen, want een duidelijke oplossing is voorlopig nog niet in zicht.